MEDIA * KRITIEK

De Volkskrant doet zijn huiswerk niet

Door Edi Terlaak

Een van de weinige sectoren die tijdens de huidige economische crisis stevig groeit, is de huiswerkbegeleiding. In 2011 ging er volgens het CBS 150 miljoen euro om in deze industrie, bijna zes keer zo veel is als in 1995 (pdf). Ouders zijn dan ook al snel enkele honderden euro’s per maand kwijt om hun kind privaat te laten bijspijkeren. Omdat niet iedereen dergelijke bedragen voor zijn kind kan ophoesten is de explosieve groei van de huiswerkindustrie tevens een ontwikkeling die volgens veel mensen het principe van gelijke kansen in het onderwijs onder druk zet.

Een van de critici is bijvoorbeeld de voormalige minister van onderwijs Jo Ritzen, die waarschuwt voor een dreigende tweedeling in het onderwijs (pdf) als gevolg van private bijscholing. Van de zijde van de SP is de huidige minister van onderwijs daarom gevraagd om te onderzoeken hoe de groei van huiswerkinstituten kan worden afgeremd.

huiswerkIn het artikel ‘Inhuren hulp bij huiswerk populair’ in de Volkskrant van 9 november (p.7) worden deze critici volkomen genegeerd. In plaats daarvan klopt de krant aan bij, respectievelijk, de overkoepelende organisatie van huiswerkbegeleiders (de LVSI), een informatiedienst voor ouders van schoolgaande kinderen, en een tevreden klant van de studiehulpindustrie. Het voorspelbare gevolg van deze eenzijdige keuze van bronnen is dat de voordelen van huiswerkbegeleiding breed worden uitgemeten.

De tevreden klant die zijn 15 jarige dochter naar een huiswerkinstituut heeft gestuurd zegt bijvoorbeeld:

“Julia gaat elke dag naar de begeleiding. Als ze nu thuiskomt, is ze klaar, en kan ze ‘s avonds naar bijvoorbeeld voetbaltraining. Op vrijdag heeft ze zelfs het huiswerk voor maandag al af. Het kost ons 350 euro in de maand, maar er is veel meer rust in huis.”

Naast tevreden ouders zouden ook scholen positief staan tegenover de groei van huiswerkbegeleiding volgens het artikel. Zij worden immers afgerekend op leerlingen die blijven zitten, dus hebben baat bij iedere leerling die over de streep wordt getrokken met private middelen.

Wie het artikel van de Volkskrant leest zou dus gemakkelijk kunnen denken dat er alleen maar winnaars zijn als gevolg van huiswerkbegeleiding: de kinderen die hulp bij hun huiswerk krijgen, de ouders die de rust in huis zien terugkeren en scholen die meer leerlingen zien slagen, allemaal doen ze hun voordeel met de groei van de studiehulpindustrie.

De enige verwijzing naar het gevaar van een tweedeling in het onderwijs is een terloopse opmerking van Jiles Luyt, vice-voorzitter van de LVSI:

“Het is inmiddels een gemêleerd publiek dat een beroep doet op huiswerkbegeleiding. [...] Wij zien ook kinderen uit achterstandswijken.”

Daarmee is er volgens de Volkskrant blijkbaar genoeg gezegd over het onderwerp. Wie denkt dat gelijke kansen voor kinderen in het onderwijs een relevant maatschappelijk thema is zou echter meer moeten doen dan zijn oor te luister leggen bij de belangenvereniging van huiswerkinstituten.

De impliciete suggestie dat er geen gevaar van tweedeling loert omdat enkele kinderen uit achterstandswijken huiswerkbegeleiding genieten is een stokpaardje van de LVSI. Een woordvoerder van de website huiswerkbegeleiding.nl stelt zelfs dat kinderen op huiswerkinstituten een ‘dwarsdoorsnede’ van de samenleving zijn. De cijfers geven een ander beeld.

Uit een studie die in 2010 werd uitgeveord in opdracht van het ministerie van onderwijs (pdf) blijkt namelijk dat kinderen die huiswerkbegeleiding krijgen disproportioneel vaak rijke ouders hebben. Van de ouders in inkomensgroepen beneden de 40.000 euro doet 13% een beroep op private onderwijshulp voor hun kinderen, terwijl 26% van de ouders in inkomensgroepen boven de 60.000 euro huiswerkbegeleiding inschakelt.

Bovendien geven rijkere ouders meer uit aan huiswerkhulp (zie tabel). Kinderen van ouders met een inkomen boven de 80.000 euro hebben dus niet alleen een grotere kans om huiswerkbegeleiding te ontvangen, maar kunnen bovendien rekenen op hulp die zes keer zoveel kost als de hulp die kinderen met ouders aan de onderkant van de samenleving ontvangen.

Maar ook wie, zoals de Volkskrant, zijn huiswerk niet doet en zich eenzijdig laat voorlichten door een belangenorganisatie zou morele vragen moeten stellen bij de groei van de huiswerkindustrie. Want wanneer een deel van het onderwijs op de markt wordt aangeboden zal de hoogste bieder zich van het beste onderwijs voor zijn kind kunnen verzekeren. Ongelijke toegang tot kwaliteitsonderwijs is daarmee gegarandeerd.

Het is duidelijk dat hulp bij huiswerk in het belang is van de ouders van een kind, maar het is allerminst duidelijk dat het inkopen van private huiswerkhulp in het belang is van de samenleving als geheel. Een krant die zich als meer ziet dan een self-help gids voor vermogende burgers zou in ieder geval aandacht moeten schenken aan deze maatschappelijke gevolgen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *